Skip to main content

De rol van de arts verstandelijk gehandicapten (VG) tijdens de transitie naar volwassenenzorg

De rol van de arts verstandelijk gehandicapten (VG) tijdens de transitie naar volwassenenzorg

Voor jongeren met (zeer) ernstige (verstandelijke en) meervoudige beperkingen ((Z)E(V)MB), is de overgang van kinderpalliatieve zorg naar volwassen palliatieve zorg (18-/18+) een kwetsbaar moment. Zij kunnen hun zorg niet zelf organiseren, hebben complexe en vaak levenslange medische problematiek en zijn afhankelijk van een samenhangend netwerk van professionals en ouders. In de huidige praktijk verloopt deze overgang vaak abrupt, met risico op verlies van continuïteit en regie. 

De rol van de arts verstandelijk gehandicapten (VG) tijdens de transitie naar volwassenenzorg

Wat is de rol van de arts verstandelijk gehandicapten?

De arts verstandelijk gehandicapten (arts VG) is gespecialiseerd in levensloopgerichte, medisch-generalistische zorg voor mensen met een verstandelijke beperking, vanaf adolescentie. Uniek aan de arts VG is het brede, integrale perspectief: medische problematiek wordt altijd bezien in samenhang met gedrag, communicatie, context en kwaliteit van leven. Daarnaast kan de arts VG al vanaf de tienerleeftijd betrokken worden en na 18-jarige leeftijd betrokken blijven. 

Hierdoor kan de arts VG bij jongeren met (Z)E(V)MB een verbindende rol vervullen tussen kinderzorg en volwassenenzorg, tussen verschillende zorglijnen en tussen zorg en dagelijks leven. 

 

Meer weten over het vakgebied en de rol van de arts VG? Op de website van de Nederlandse Vereniging Artsen Verstandelijk Gehandicapten (NVAVG) vind je meer informatie.


Betrek de arts VG vroeg en structureel in het transitieproces

In de Kwaliteitsstandaard – Jongeren in transitie van kinderzorg naar volwassenenzorg wordt aanbevolen om bij kinderen met (Z)E(V)MB de arts VG vanaf aanvang van het transitieproces (vanaf 12-jarige leeftijd) te betrekken. Deze vroege betrokkenheid faciliteert en stimuleert: 

  • het opbouwen van vertrouwen en samenwerking met de arts VG;  
  • het voorbereiden van toekomstige zorg samen met ouders en kindzorg;  
  • het inbrengen van expertise rondom wilsbekwaamheid, wettelijke vertegenwoordiging en wet- en regelgeving;
  • het tijdig aan laten haken van huisarts, arts VG in de regio en andere benodigde zorgverleners uit de volwassenenzorg.  

De rol van de arts VG is daarbij meebewegend en afhankelijk van de behoeften van de jongere: adviseur in de voorbereidingsfase, medebehandelaar in gezamenlijke consulten, coördinator of casemanager van de medische zorg na 18+, en/of behandelaar van handicapgebonden zorg. Hier lees je hoe je kunt verwijzen naar een arts VG

In het rapport ‘Van 20-0 achter naar 1-0 voor’ lees je praktische voorbeelden van hoe de zorgtransitie voor jongeren met EMB verbeterd kan worden. Denk aan een warme overdracht, een stevige rol voor de arts VG en nauwe samenwerking tussen ouders en professionals. 

Het zorgpad Transitie Palliatieve Zorg, met de rol van de arts VG

De overgang van kinderzorg naar volwassenzorg is een doorlopend proces vanaf ongeveer 12 jaar tot 23 jaar. In elke fase werken jongeren, ouders en zorgprofessionals samen aan een goede voorbereiding, overdracht en landing in de volwassenzorg.  Bij jongeren met een verstandelijke beperking of EMB heeft de arts verstandelijk gehandicapten (arts VG) hierbij een belangrijke rol als vaste schakel in de zorg.  


Voorbereidingsfase (±12–16 jaar)

  • In deze fase start de bewustwording over de toekomst.  
  • De arts VG kan al vroeg betrokken worden om mee te denken over de toekomstige zorg en ondersteuning. Samen met de jongere, ouders en betrokken zorgverleners bespreekt de arts VG wat nodig is voor een goede overgang naar de volwassenzorg. 
  • De arts VG kijkt niet alleen naar medische zorg, maar ook naar ontwikkeling, communicatie, gedrag, wonen, school en kwaliteit van leven.

Transitiefase (±16–18 jaar)

  • In deze fase wordt de overgang concreet voorbereid. De arts VG krijgt een steeds grotere rol in de afstemming met de volwassenzorg.  
  • Er vinden gezamenlijke gesprekken plaats tussen kinderzorg, volwassenzorg, jongere en ouders. 
  • De arts VG denkt mee over passende zorg, behandeling en begeleiding na het 18e jaar.  
  • Ook helpt de arts VG bij het maken van duidelijke afspraken over verantwoordelijkheden, medicatie, medische aandachtspunten en coördinatie van zorg. 
  • Het Individueel Zorgplan (IZP) wordt geactualiseerd. 

Overgangsfase (18–19 jaar)

  • Tijdens de daadwerkelijke overdracht zorgt de arts VG voor continuïteit van zorg.  
  • De arts VG ontvangt en bespreekt het actuele IZP en stemt af met andere betrokken zorgverleners. 
  • Er worden duidelijke afspraken gemaakt over wie aanspreekpunt is en wie de regie voert.  

Landing in de volwassenenzorg (±19–23 jaar)

  • In de volwassenzorg blijft de arts VG een belangrijke vaste factor.  
  • De arts VG begeleidt de jongvolwassene bij veranderingen in gezondheid, wonen, daginvulling en kwaliteit van leven. 
  • Daarnaast werkt de arts VG samen met huisarts, behandelaren en begeleiders om de zorg goed op elkaar af te stemmen. Door deze betrokkenheid draagt de arts VG bij aan een veilige, samenhangende en mensgerichte overgang naar de volwassenzorg. 
     

Samenwerking en overdracht organiseren

Om deze werkwijze duurzaam te maken, is een gestructureerde samenwerking en overdrachtssystematiek nodig. Belangrijke elementen daarin zijn: 

  • Het in kaart brengen van zorgnetwerk van jongere en nieuw netwerk inrichten met zorgverleners die zorg na 18e verjaardag over kunnen nemen. In De Vink Wijzer vind je hiervoor een handig lijstje (p.13). 
  • Een meegroeiend Individueel Zorgplan (IZP) als centraal overdrachtsdocument ;  
  • Proactieve zorgplanning als vast onderdeel van het zorgpad.  
  • Gezamenlijke consulten en multidisciplinair overleg tussen kindzorg, volwassenzorg en arts VG. Lees er meer over in de Transitie Toolkit VB.  
  • Heldere afspraken over regie en verantwoordelijkheden.  
  • Monitoring van continuïteit en kwaliteit van zorg na de overgang met de tool ‘Meten van ervaringen na transitie’. De tool bevat vragenlijsten voor zowel jongeren die de overstap al hebben gemaakt, als hun ouders. Op deze manier kan inzicht worden verkregen in de tekorten in de inhoud en organisatie van de zorg, en biedt het aanknopingspunten voor verbeteringen.  

Samenwerkingsmodel voor palliatieve zorgverleners rondom transitie, en de toekomst

Binnen het Nationaal Programma Palliatieve Zorg II - Kind en Jongere wordt in 2026 gewerkt aan een model voor samenwerking voor zorgverleners betrokken bij palliatieve zorg, rondom de overgang naar de volwassenzorg. Dit samenwerkingsmodel voor de Kinder Comfort Teams (KCT), Volwassen Palliatieve Teams (VPT), Netwerken Integrale Kindzorg (NIK) en Netwerken Palliatieve Zorg (NPZ)) zal een passend raamwerk worden, waarbij de (gewenste) rol van de arts VG expliciet wordt meegenomen voor jongeren met (Z)E(V)MB. 

Hoewel randvoorwaarden zoals bekostiging en formele positionering van de arts VG nog niet in alle gevallen volledig of ideaal zijn ingericht, helpt het expliciet beschrijven van de wenselijke situatie om richting te geven aan het optimaliseren van de zorg en de begeleiding. Daarnaast is het ondersteunend om richting te geven aan ontwikkeling en beleid. De arts VG kan daarmee steeds meer uitgroeien tot een vaste en herkenbare schakel in een veilige, samenhangende transitie voor jongeren met (Z)E(V)MB. 


Blijf op de hoogte