Skip to main content
Home  › ... Actueel

‘Ieder kind moet vooral kind kunnen zijn’

Medisch kinderdagverblijf eigenaar Kion van Es vertelt zijn visie op inclusie, ontwikkeling en de kracht van ontmoeting.


Sommige mensen ontdekken pas later welk werk echt bij hen past; anderen groeien er van jongs af aan in op. Dat laatste geldt voor Kion van Es (34), sinds 2022 eigenaar van medisch kinderdagverblijf Prikkebeen in Bunnik. Hij was twaalf jaar toen zijn ouders Prikkebeen oprichtten. Zijn vader, werkzaam als verpleegkundige en manager in de thuiszorg, zag hoe ouders soms noodgedwongen stopten met werken om de zorg voor hun kind op zich te nemen. Tegelijkertijd zag hij kinderen die vooral werden omringd door volwassenen: ouders, artsen, verpleegkundigen en therapeuten. Vanuit die observaties ontstond Prikkebeen: een omgeving waar kinderen die zorg nodig hebben samen met kinderen zonder zorgvraag hun dag doorbrengen. Waar gespeeld, geleerd en ontdekt wordt. Waar een kind vooral kind mag zijn. Ruim twintig jaar later vormt die gedachte nog altijd de kern van Kions werk. Want, zo is zijn overtuiging: een kind komt het meest tot bloei wanneer het zich veilig voelt, gezien wordt en tussen andere kinderen de ruimte krijgt om zichzelf te zijn.

Kinderen leren van elkaar

Bij Prikkebeen ontstond de inclusieve aanpak niet vanuit een beleidsplan, maar bijna toevallig. Het begon met een vraag van ouders of ook een gezond broertje of zusje welkom was. Dat bleek een schot in de roos. Gezonde kinderen en kinderen met een zorgvraag trokken samen op en juist die ontmoeting bleek waardevol voor alle kinderen. ‘Kinderen hebben geen oordeel,’ zegt Kion. Waar volwassenen vaak als eerste een rolstoel, voedingssonde of een beperking zien, zien kinderen vooral een mogelijke speelkameraad. ‘Die vragen gewoon: wil jij met mij spelen?’ Volgens hem profiteren kinderen met een zorgvraag enorm van het contact met gezonde leeftijdgenoten. ‘De kinderen die extra zorg of ondersteuning nodig hebben, kunnen optrekken aan die gezonde ontwikkelingslijn.’ Ze zien wat andere kinderen doen, raken gemotiveerd en worden uitgedaagd om zelf nieuwe stappen te zetten. Soms heel letterlijk: dat wil ik ook kunnen.

Een gemiste kans

Dat is ook de reden waarom Kion het nog altijd jammer vindt dat de groepen sinds 2018 door gewijzigde GGD-regelgeving van elkaar gescheiden moesten worden. Hoewel de kinderen elkaar nog steeds ontmoeten op het speelplein en in gezamenlijke ruimtes, noemt hij dat een gemiste kans. Voor Kion zit de kracht van inclusie juist in de kleine momenten van alledag. Hij vertelt over een meisje in een rolstoel dat door een progressieve genetische aandoening steeds verder achteruitgaat. Kinderen uit andere groepen missen hun vriendinnetje en zoeken haar regelmatig op. Even contact maken, iets laten zien of samen aan tafel zitten; elkaar onbevangen ontmoeten en elkaar helpen om onderdeel te blijven van het gewone leven. Juist daarom betreurt hij dat regelgeving deze natuurlijke vorm van samenzijn beperkt. Volgens Kion laten kinderen juist zien hoe vanzelfsprekend inclusie kan zijn binnen de maatschappij waarin wij leven.

Wanneer eten niet vanzelfsprekend is

Steeds opnieuw stelt Prikkebeen dezelfde vraag: wat heeft dit kind nodig om zich verder te kunnen ontwikkelen? Die vraag lag ook aan de basis van de eettrainingsgroep. Voor sommige kinderen blijkt eten namelijk allesbehalve vanzelfsprekend. Kion zag van dichtbij hoe zijn moeder, van oorsprong maatschappelijk werker, zich ging verdiepen in kinderen die langdurig voedsel weigerden. Vaak bleek achter dat gedrag een geschiedenis van medische ervaringen schuil te gaan. Kinderen die afhankelijk waren geweest van sondevoeding of ingrijpende behandelingen hadden geleerd dat alles rondom hun mond spanning, angst of pijn betekende. In plaats van eten als doel centraal te stellen, ontwikkelde Prikkebeen een aanpak waarin kinderen eerst weer positieve ervaringen met eten opdoen. Kinderen leren stap voor stap opnieuw vertrouwen opbouwen: eerst kijken, ruiken, voelen en spelen met eten, daarna pas proeven. De aanpak heeft een slagingspercentage van ongeveer 70% en wordt inmiddels ondersteund door samenwerking met onder meer het eetteam WKZ, logopedisten en diëtisten. Ook in de eetgroep ziet Kion dagelijks bevestigd wat hij overal binnen Prikkebeen terugziet: wanneer kinderen zich veilig voelen en positieve ervaringen opdoen, ontstaat er weer ruimte om te groeien en zich te ontwikkelen. 

Palliatieve zorg breder dan wordt gedacht

Die overtuiging vormt ook de basis van hoe Kion naar kinderpalliatieve zorg kijkt. ‘Palliatieve zorg is veel breder dan vaak wordt gedacht. Het gaat niet alleen om kinderen in de laatste levensfase, maar ook om kinderen die langdurig leven met een ernstige aandoening en complexe zorgbehoeften.’ Hij noemt bijvoorbeeld kinderen met ernstige epilepsie, genetische aandoeningen, complexe hartafwijkingen of blijvende afhankelijkheid van sondevoeding. Niet de diagnose staat voor hem centraal, maar de vraag hoe deze kinderen zich kunnen blijven ontwikkelen, sociale contacten kunnen onderhouden en vooral onderdeel kunnen blijven van het gewone leven; hoe een kind zo volwaardig mogelijk kind kan zijn.

In de kinderpalliatieve zorg ligt de nadruk begrijpelijkerwijs vaak op behandeling, begeleiding en ondersteuning door professionals, vaak in een één-op-één setting. Natuurlijk zijn deskundige zorgprofessionals onmisbaar, maar wie vooral naar volwassenen kijkt, mist soms een belangrijke kracht: andere kinderen. ‘Kinderen kijken naar elkaar, spelen samen, doen elkaar na en stimuleren elkaar voortdurend, vaak zonder dat iemand daar bewust op stuurt,’ zegt hij. Juist die combinatie van professionele begeleiding en contact met leeftijdgenoten zorgt volgens hem regelmatig voor verrassingen. Bij Prikkebeen ziet hij dagelijks hoe kinderen stappen zetten die volwassenen vooraf niet hadden verwacht. Het heeft hem geleerd om verder te kijken dan bestaande werkwijzen en aannames. ‘Je moet je standaarden doorbreken. Dan krijg je nieuwe inzichten.’

Daar doe ik het voor

Als jonge ondernemer draagt Kion de verantwoordelijkheid voor de zorg aan kinderen en gezinnen, maar ook voor zijn medewerkers en de organisatie. Dat brengt uitdagingen met zich mee, die hij kan delen met zijn vriendin en zijn vriendengroep. ‘Veel van mijn vrienden zijn ook ondernemer, dus daar kan ik terecht voor een luisterend oor of advies,’ vertelt hij. En dat is soms best handig voor iemand die het liefst vandaag uitvoert wat hij gisteren heeft bedacht. Natuurlijk zijn er momenten waarop zijn geduld op de proef wordt gesteld. Wachttijden, financieringstrajecten en regels kunnen ervoor zorgen dat hulp niet altijd zo snel op gang komt als hij zou willen. Maar uiteindelijk overheerst voor hem de voldoening. Een kind dat een stap zet die niemand had verwacht. Ouders die weer even lucht krijgen. Of kinderen die elkaar vanzelf weten te vinden, zonder zich iets aan te trekken van diagnoses, beperkingen of verschillen. ‘Dat zijn de momenten waarvoor ik het doe,’ besluit Kion met een glimlach. ‘Dan zie je wat er mogelijk wordt als kinderen zich veilig voelen, plezier maken en gewoon kind mogen zijn.’


Deel deze pagina

Mogelijk ook interessant


Terug naar nieuwsoverzicht

Blijf op de hoogte